vervolg grondverven

RECEPTENBOEK

In een twintigtal afleveringen worden recepten voor kunstschilders gegeven. Recepten die gebruikt worden tijdens de cursussen op Verfmolen de Kat. Een receptenboek is uitdrukkelijk geen leerboek. Maar een handreiking om eens met materiaal te experimenteren. Het begint met voorlijmen van de drager, het aanbrengen van de grondlaag, de schilderlaag en de afwerking. In de schilderkunst worden veel natuurlijke materialen gebruikt, die kunnen in hun eigenschappen variaties vertonen. Recepten zijn daarom richtrecepten. Men zal zelf moeten bekijken of hoeveelheden iets meer of minder moeten worden aangepast.

 

Werken met verf betekent ook werken met chemische stoffen. Ook al zijn de meest giftige materialen van het palet verdwenen, zorgvuldigheid en hygiëne zijn de belangrijkste voorwaarden voor een veilige praktijk.

Afbeelding 1

OLIEGROND

lithopoon en alkyd
Geschikt voor doek en olieverf

De vroegere oliegrondverf op basis van loodwit en lijnolie gaf een sterke en duurzame laag. Deze is in de handel steeds minder gemakkelijk te verkrijgen. Zinkwit in plaats van loodwit geeft een brosse laag en vormt zinkzepen (zie artikel over zinkwit in kunstenaarsmagazine 133). Titaanwit geeft een te zwakke laag. Lithopoon, een mengkristal van het stabiele zinksulfide en bariumsulfaat, wordt stevig met een alkyd, een kunsthars met olie, aangewreven. Een alkyd met lijnolie is stevig maar vergeelt, een alkyd met sojaolie is minder sterk maar vergeelt niet. De grondverf wordt met terpentine voor de eerste laag verdund. Een tweede laag moet minder verdund worden. Het gebruik van verven die met terpentine worden verdund, wordt om milieuredenen steeds meer ontraden.

Afbeelding 2

ACRYLGESSO

krijt, titaanwit en acrylbinder
Geschikt voor acrylverf en in mindere mate voor olieverf

Acrylgesso heeft niets te maken met een echte gesso dat een grondverf is op basis van gips en dierlijke lijm. Een acrylbinder bestaat uit zeer fijn verdeelde kunststofbolletjes in water, een dispersie, waaraan diverse hulpstoffen zijn toegevoegd. Voor de individuele kunstenaar is het geen doen om zelf een acrylbinder samen te stellen. Een acrylgesso moet gedroogd de juiste porositeit bezitten en bedoeld voor olieverf ook krijt dat met vetzuren uit de olieverf reageert. Een doek dat een grondlaag van acrylgesso krijgt, hoeft niet voorgelijmd te worden. Vindt men dat dan de acryllaag te zuigend wordt, kan een voorlijming met een sterk verdunde acrylbinder een oplossing vormen.
Meng een deel titaanwit en een deel krijt met water. Laat dit een uurtje staan en gooi het overtollige water op de pigmentpasta weg. Voeg aan een deel pasta met kleine beetjes tegelijk een gelijk deel acrylbinder.
Om de juiste porositeit van deze grondverf, uitgestreken en gedroogd, te testen brengt men hierop een olieverf aan dat met dezelfde hoeveelheid lijnolie is verdund. Wanneer de kleur vlekkerig opdroogt, is de acrylgesso te poreus en dient er meer acrylbinder aan het mengsel toegevoegd te worden. Droogt de kleur egaal op, dan heeft de acrylgesso de juiste porositeit.

Afbeelding 3

ACRYLGESSO MET CASEÏNE TOEVOEGING

Geschikt voor ei-tempera en olieverf

Olieverf hecht aanvankelijk redelijk op acryl. Maar later verslechtert de hechting. Dit heeft te maken met oppervlaktespanning. Verse olieverf en acryl hebben beide een lage oppervlaktespanning. Twee materialen vloeien goed uit en hechten prima wanneer hun oppervlaktespanningen vergelijkbaar zijn. Vergelijk het tegenover gestelde; een druppel water (hoge spanning) op een ingevette glasplaat (lage spanning) vloeit niet uit. Bij het verouderen van de verf krijgt de verflaag een hogere spanning. In de rijkscollectie zijn meerdere schilderijen waar met olieverf op acryl is geschilderd. Nu laten er vellen gedroogde olieverf los. Door nu bij twee delen acrylgesso een deel caseïneoplossing uit recept 3 te mengen brengt men de oppervlaktespanning van de grondverf flink omhoog. Om voldoende porositeit in deze grondverf te behouden, kan nog pigment worden toegevoegd.
Water heeft een hoge oppervlaktespanning. Dus verven op waterbasis hechten prima op deze menggrond en hij verzekert ook dat olieverf later blijft hechten.

Afbeelding 4

STIJFSEL MET ACRYL

10 gram stijfsel, 600 ml water, 100 ml acryldispersie, vulstof en pigment
Geschikt voor op papier, diverse technieken.

Laat de stijfsel in de helft van het water koud opzwellen. Breng de rest van het water aan de kook. Voeg met kleine beetjes onder goed roeren de stijfsel toe aan het hete water. Wanneer de stijfsel is opgelost, voeg dan de acryldispersie toe. Wanneer geen acryldispersie voorradig is, kan men ook acrylbinder nemen. Maak van vulstof, bijvoorbeeld krijt, en titaanwit met water een pasta. Meng gelijke hoeveelheden pigmentpasta en stijfseloplossing. Breng het mengsel dun op.

KWARTSGROND OF REMBRANDTGROND

lichtgekleurde pottenbakkersklei en fijn zilverzand
Geschikt voor olieverf schilderijen die opgerold moeten kunnen worden

Toen Rembrandt het schilderij dat nu 'De Nachtwacht' heet, moest schilderen, zocht hij naar een goedkopere manier om het 5 meter grote doek van een grondering te voorzien. Hij vond dat door twee delen droog kleipoeder en een deel fijn zand met lijnolie aan te wrijven. Het leverde een laag op die zelfs na honderden jaren flexibel blijft, getuige de opgerolde staat waarin de nachtwacht tijdens de tweede wereldoorlog zonder schade werd getransporteerd.

Door het gebruiken van onze website, ga je akkoord met het gebruik van cookies om onze website te verbeteren. Dit bericht verbergen Meer over cookies »